Go to content

Parasieten

Parasieten / Ziekten

Vlooien
Teken
Mijten
Spoelworm
Lintworm

Lintwormen
Lintwormen zijn lange, platte wormen met een duidelijke kop.
Aan het uiteinde laat de worm steeds een stukje los, dit stukje zit vol met eieren en komt met de ontlasting naar buiten. Daarnaast kunnen ze ook zelfstandig bewegen en kruipen via de anus naar buiten.
Als ze opdrogen bewegen ze niet meer en lijken ze op rijstekorrels.
Vlooienlarven eten lintwormeitjes,dus als de vlo zich ontwikkelt,ontwikkelt ook het wormeneitje.
Als de hond door bijten of likken een vlo binnenkrijgt, krijgt hij op die manier ook de larven binnen.
Als de eigenaar dus rijstekorrels vind moet het dier niet alleen behandeld worden tegen lintworm maar ook tegen vlooien!!

Spoelwormen
Een veel gestelde vraag over wormen is niet hoe ze eruit zien maar hoe je er vanaf komt, dus wanneer en hoe vaak ontwormen.
Iedere hond en kat zijn dragers van wormen, door een ingewikkelde cyclus komt het niet bij ieder dier tot uiting.
Alleen bijdrachtige teven komt de worm tot ontwikkeling,zodat pups als ze pas geboren zijn al last kunnen hebben van wormen.
De spoelwormen zijn overdraagbaar naar de mens, dus verwijder ontlasting van jonge dieren zodat er minder kans is op besmetting.
Deze wormbesmetting kan zeer ernstig zijn dus consequent ontwormen.

Vlooien
De meest voorkomende parasieten bij honden en katten zijn vlooien.
Vaak zijn er bij aanwezigheid van vlooien op het achterlijf van de hond of kat zwarte korreltjes te vinden.
Dit is de ontlasting van de vlo. Als je deze korreltjes vochtig maakt kleuren ze rood, dat komt doordat vlooien bloed zuigen en er restjes in de ontlasting terecht komen.
Niet ieder dier heeft last van jeuk bij vlooien, is dit wel het geval dan is er vaak sprake van overgevoeligheid.
Ook kan er door vlooien bloedarmoede of huidontsteking ontstaan.
De eitjes van een vlo blijven niet in de vacht zitten maar vallen van het dier af en komen in de omgeving terecht. Deze eitjes kunnen binnen een week uitkomen. De larven die hieruit komen verstoppen zich, dit kan zijn in de vloerbedekking, bank, naadjes en kieren. Na ongeveer 3 weken zijn de larven volwassen vlooien geworden en komen ze te voorschijn bij de juiste omstandigheden. Dit betekent warme temperatuur en een voedingsbron.
Het aantal vlooien neemt op deze manier razendsnel toe.
Het is dus belangrijk om niet alleen het dier te bestrijden maar ook de omgeving.

Teken
Teken zijn klein diertjes, die tot de spinachtige behoren. Volwassen teken klimmen in struikgewas en hakhout.
Als een dier hier onderdoor loopt laat de teek zich vallen. Ze hechten zich met hun poten vast in de vacht en bijten zich met hun kop vast in de huid. Zodra de teek zich volgezogen heeft met bloed laat hij los.
De teek zorgt voor huidirritatie en kan een bacterie overbrengen naar de mens,die daarop de ziekte lyme disease kan ontwikkelen. Bij de hond kunnen teken ook ziekten overbrengen zoals Babesia.
Een goede bestrijding is dus noodzakelijk.
Dagelijkse controle en verwijderen van teken is de belangrijkste bestrijding.
Het verwijderen moet draaiend gebeuren, zonder aan de teek te trekken.
De teek mag niet verdoofd worden met alcohol of ether, hij kan dan speeksel in de hond spuiten wat extra irritatie geeft.
De teek moet in zijn geheel verwijderd worden, gebeurt dit niet dan kunnen er heftige huidirritaties optreden.
Er zijn tegenwoordig beschermende sprays, tabletten en banden te koop om teken preventief te bestrijden.

Mijten
Het grootste probleem van een mijtinfectie is de enorme jeuk die mijten veroorzaken, daardoor gaat de hond krabben en kunnen er huidbeschadigingen en ontstekingen ontstaan.
Er zij verschillende soorten mijt waaronder de schurftmijt, dit is een mijt die klein bultjes veroorzaakt die samenvloeien en daarna grote korsten vormen op de huid. De lichamelijke conditie van de hond gaat achteruit. Omdat de hond geen afweer opbouwt moeten de mijten betreden worden, ook omdat de mens besmet kan raken.
Dan is er nog de haarzakmijt, deze mijt veroorzaakt de jeugdschurft. Bij de jeugdschurft kunnen honden een etterige afscheiding op de huid krijgen.
Slechts een enkele hond krijgt haarzakmijt en dan ook nog honden jonger dan 2 jaar. Meestal komt het door een onvolledig weerstand. De behandeling is langdurig maar wel succesvol.
Ook hebben we nog de oorschurftmijt, deze mijt leeft in de gehoorgang. Het oorsmeer wordt wat schilferig en droog. Het is een infectie die voornamelijk bij jonge dieren voorkomt en zeer besmettelijk is. De besmetting kan verspreid worden door het schudden met de oren.
Als laatste de vachtmijt, deze mijt geeft weinig jeuk, hij voedt zich met schilfers en haren. Wel kan deze mijt overslaan naar mensen en jeuk veroorzaken.


Back to content | Back to main menu